De Pioniers van de TU/e (1): Masi Mohammadi


Door Monique van de Ven
Leestijd ± 3 minuten
  • 27 december 2017

Voor een Cursor-special over de onderzoeker, interviewden Monique van de Ven en Tom Jeltes acht TU/e-pioniers.  Vandaag: hoogleraar Smart Architectural Technologies Masi Mohammadi. “In 2040 is techniek een moderne dienstbode van ons allemaal.” Foto’s zijn van Bart van Overbeeke.

Lees hier de hele serie over de TU/e-pioniers (op 3 januari 2018 is de reeks compleet)

Wonen in een robot die met je meevoelt – zo mag Masi Mohammadi haar ‘Empathische woonomgeving’ (de titel van haar inaugurele rede) ook graag noemen. De hoogleraar Smart Architectural Technologies wil het dagelijks leven van mensen in hun eigen woonomgeving veraangenamen en vergemakkelijken met behulp van slimme technologie die hen kent, begrijpt, aanvoelt en daarop reageert.

Welke vraag zou je wíllen krijgen?
“Hoe ik 2040 zie en hoe we dan leven. Ik denk dat we tegen die tijd helemaal vrede hebben gesloten met de manier waarop we techniek kunnen gebruiken in onze woonomgeving. Tegen sommige technologieën kijken we nu nog angstvallig aan – zeker als ze van invloed zijn op onze dagelijkse patronen. Vaak zijn het nu ook maar halve oplossingen en is bijvoorbeeld de infrastructuur eromheen nog niet op orde. Dat roept weerstand op. In 2040 is techniek een moderne dienstbode van ons allemaal, geïntegreerd in onze directe omgeving en ook helemaal omarmd door de zorg- en bouwsector. We hoeven haar dan alleen nog maar te optimaliseren.”

Waar ligt de bron van jouw pioniersbestaan?
“Ik word voortdurend geïnspireerd door mooie, geestelijk rijke mensen; daarvan hebben we er alleen aan de TU/e al meer dan genoeg. Ook ons gewone leven, onze dagelijkse problemen en de natuur inspireren mij. Verder heb ik met drie studies – cartografie, civiele techniek en bouwkunde – een brede achtergrond. Die combinatie van hard en zacht, van context en object, heeft mij geleerd dat de waarheid meerdere gezichten heeft en dat oplossingen echt liggen op dat snijvlak van meerdere richtingen.”

Wat in jouw karakter maakt jou een pionier?
“Ik ben altijd geïnteresseerd in wat anderen te zeggen hebben, zoek graag nieuwe samenwerkingen. En ik ben niet zo bang – innovatie is vaak het durven doorbreken van de bestaande regels en denkpatronen, ook die van de wetenschap. Pionier zijn is lastig, maar ik denk dat er ook geen pionier op aarde is die zélf niet lastig is. Pioniers zijn vaak rare vogels, de zwarte schapen, de vreemde eenden. Hoe ik daarmee omga? Ik accepteer het, maar vecht ook voor waar ik in geloof. Soms is dat lastig, zou je liever blenden in society – maar ik heb dat allang uit mijn hoofd gezet.”

Hoe ontspan je; hoe neem je rust?
“Ik haal vooral energie uit wat ik doe. Wetenschap is creëren, het creëren van een gedachte, van een mogelijkheid of, concreter, van een gebouw. Dat geeft zoveel voldoening, dat is gewoon een soort doping. Natuurlijk zijn er wel momenten dat je daar even van loskomt. Ik kijk graag naar mooie films, ik dans weleens, lees graag, houd van poëzie of ik ga wandelen – maar daar moet ik echt tijd voor vrijmaken. Dat ik dat niet te vaak doe, betekent voor mij dat ik er kennelijk geen prioriteit aan geef en er dus wat minder behoefte aan heb.”

Wanneer is jouw leven geslaagd?
“Mijn dierbaren zijn tevreden met mij, dus voel ik me op emotioneel niveau al geslaagd. Verder heb ik nooit echt nagedacht over hoe mensen mij zien of hoe ze zich mij later herinneren. Ik doe dingen vanuit een intrinsieke motivatie, omdat ze me een goed gevoel geven en rijker maken, en maatschappelijk iets bijdragen. Wat ik in elk geval wil en gá maken, is een empathisch huis waarin we plezierig wonen en fijn oud kunnen worden. Dat is voorlopig mijn doel. Of mensen het straks goed vinden of niet, of ik daarmee ook op langere termijn een verschil heb gemaakt of voor een beetje beweging heb kunnen zorgen, merk ik dán wel.”

Dit interview is eerder gepubliceerd in de special over ‘The Explorer’.