Het crowdsourcen van de slimme stad


Door Merlijn van Dijk
  • 4 oktober 2016

De makkelijkste manier om een antwoord van Bill Peduto te krijgen is via Twitter. De burgemeester van het Amerikaanse Pittsburgh heeft meer dan 45.000 volgers en hij beheert zijn eigen account. Dit vertelde Monica Woodley van het Britse magazine The Economist vorige week donderdag tijdens een webinar over het onderzoek ‘Empowering Cities.’ Een denktank van het Britse blad voerde het onderzoek uit in opdracht van Philips.

 


Onder de noemer “De Staat van Eindhoven” brengt E52 een reeks verhalen over de stappen die de stad zet op weg naar een smart society en de connecties daarbinnen tussen big data en de inwoners. Lees hier de hele serie.


In totaal 2000 stedelingen en 600 bedrijven werden bevraagd. De steden Barcelona, Berlijn, Buenos Aires, Chicago, Londen, Los Angeles, Mexico-Stad, New York City, Rio de Janeiro, Shanghai, Singapore en Toronto vormden het jachtgebied. Het doel van het onderzoek was te kijken hoe mensen de slimme stad beleven en hoe ze erbij te betrekken.

Een van de meest opvallende resultaten uit het onderzoek is de bereidheid van mensen tot het delen van data. Slechts 20% van de ondervraagden gaf aan helemaal geen persoonlijke informatie te willen geven om de slimme stad mogelijk te maken. De belangrijkste thema’s voor de delers zijn transport, telecom en het beperken van vervuiling.

“Beleidsmakers zien mensen te veel als consument en bron van data.”

De wil tot delen is er. Alleen velen weten niet hoe. Slechts 15% gaf aan betekenisvolle mogelijkheden te hebben tot het bijdragen aan de slimme stad. De bereidwilligheid van burgers is vooralsnog vaak aan dovemansoren besteed, volgens Woodley. “Beleidsmakers zien mensen te veel als consument en bron van data. Ze moeten hen zien als actieve bijdragers van de stad.”

Op sommige plaatsen heeft men het wel begrepen, bijvoorbeeld in Pittsburgh. Via sociale media en een speciale applicatie kunnen burgers feedback geven op beleidsbeslissingen, hun (on)vrede uiten en berichten achterlaten wanneer er buiten iets kapot is. De gemeente zoekt de input van burgers bewust op. “Het gaat om het crowdsourcen van de stad”, zegt Woodley.

Elphi Nelissen 5Dat is ook de insteek van hoogleraar Building Sustainability aan de TU/e, Elphi Nelissen. Ze leidt het Smart Cities Program van de universiteit en is betrokken bij de ‘Brainport Smart Village’, de slimste wijk van Nederland die op dit moment verrijst in Helmond. Volgens Nelissen gaat het ook om bewustwording: “Mensen realiseren zich niet dat ze nu al heel veel data delen. Bijvoorbeeld de data die hun auto genereert. Die gegevens worden gebruikt om verwachte reistijden, files en slimme routes te berekenen.”

Het crowdsourcen van de stad klinkt interessant, maar hoe zit het met privacy? Uit het onderzoek komt naar voren dat de gretigheid waarmee mensen gegevens willen delen, verdwijnt op het moment dat hun privacy niet goed geborgd is. Geopperd wordt om een digitaal paneel te creëren waarbij mensen makkelijk kunnen kiezen wat ze delen, en met wie ze dat delen.

Ook bewoners van de Helmondse  slimme wijk moeten baas van eigen data zijn, vindt hoogleraar Nelissen. “Daarbij moet duidelijk gemaakt worden wat het voordeel van delen is.” De bewoner moet een bewuste keuze maken. “Daarvoor creëren we een platform. Mensen moeten daarop flexibel met hun data kunnen omgaan. Ze bepalen zelf wat ze, met wie, delen.”

“Het kan ze maken, maar ook breken.”

Kortom, creëer een makkelijk hanteerbaar en transparant systeem waarbij privacy geborgd is en mensen zullen gretig alles delen. Aan het eind van het webinar plaatst Woodley wel een kleine kanttekening. Als het vragen van feedback eenmaal is ingeburgerd, zal het niet meer stoppen: “Beleidsmakers en politici moeten dan iets met die informatie doen. Het kan ze maken, maar ook breken.” Burgemeester Peduto heeft nog flink wat tweets te versturen.


Merlijn van Dijk

Schrijft voor E52 vooral over Big Data en Smart Cities.

> Bekijk alle artikelen van Merlijn

Geen reacties

Meld je aan of log in om te reageren