Transparantie in oplaadpaal: héél nuttig!?


Door Pieter Hendrikse
Leestijd ± 3 minuten
  • 27 september 2017

Pieter Hendrikse beziet “Vanaf De Hovenring” de gebeurtenissen in en soms ook buiten Eindhoven. Hij doet dat zowel vanuit zijn eigen expertise (onderwijs, sociaal/cultureel domein) als in een vrije rol.

"...kostbare oplaadpalen ‘standalone’ neerplanten alsof het om onkruid gaat, is onnozel..."

Het begon met een werkploegje dat ’n paal met twee stopcontacten kwam neerzetten. Weken later volgde een ander gezelschap dat de aansluiting daarvan op het electriciteitsnet verzorgde. En weer veel later een team dat zorg droeg voor de bewegwijzering. Aangezien deze scheef werd aangebracht volgde, overigens binnen 24u, rechtzetting van de paal. Nog weer ’n week later bleek de bewegwijzering toch anders te moeten: niet aan ’n losse, inmiddels keurig rechtstaande paal, maar aan de lantaarnpaal die scheef staat.

Vijf acties teneinde de buurt te voorzien van de broodnodige oplaadpunten ten behoeve van al die elektrisch aangedreven automobielen.
Het gemeentelijk beleid betekent: binnen 300 meter bereikbare oplaadpunten. En mocht er geen laadpaal in de buurt zijn, dan kun je er zomaar een aanvragen. Grote kans dat die, weliswaar misschien in meerdere etappes, dan ook geplaatst wordt.
He mag wat kosten, deze toekomstgeoriënteerde mobiliteitsbenadering.

Er rijden in NL ruim 8 miljoen personenauto’s rond. Daarvan zijn er bijna 120.000 exemplaren die elektrisch worden voortgestuwd.

Het aantal parkeerplaatsen in de publieke ruimte is beperkt. En dat is maar goed ook. We zijn immers onderweg naar een meer duurzame samenleving. Automobiliteit past daar niet als vanzelfsprekend en automatisch bij. Al die m2 die nodig zijn om die vierwielers te parkeren zijn eenvoudigweg ook niet beschikbaar. So far, so good.

Maar schiet het ’n beetje op met de duurzame mobiliteit? Observaties rondom de oplaadpaal in de buurt helpen:
Er wordt door zegge en schrijve twee automobielen met een zekere regelmaat gebruik gemaakt van de stopcontacten. Gemiddeld hooguit 3 maal week en dat dan steeds gedurende maximaal ’n dagdeel. Snelle rekenkunst leert dat de bezetting minimaal is.

Hier breekt mijn klomp. Parkeerruimte opofferen ten dienste van een langzaam in opmars gerakend alternatief is ‘n vreemd paard voor de wagen.
De straal van 300m waarbinnen een oplaadpaal is te vinden is arbitrair. Waarom niet begonnen met ‘n veelvoud daarvan?

In de grootstedelijke omgeving is het woekeren met ruimte. Ondanks de ongetwijfeld glorieuze toekomst die het elektrisch rijden tegemoet gaat, is het van de gekke om daarop nu al bovenmatig te anticiperen.

Laten we ’n voorbeeld nemen aan Arnhem waar het eerste publieke en slimme laadplein ‘‘Charging Plaza’ werd geopend. Ik citeer “…door clustering van laadfaciliteiten kunnen dure investeringen vermeden worden en kan slimmer worden geladen…”. Van ’n dergelijke benadering moeten we in Brainport toch kunnen smullen!

Overheidsbeleid vraagt om lef. Maar kostbare oplaadpalen ‘standalone’ neerplanten alsof het om onkruid gaat, is onnozel.
En dat de Eindhovense burgemeester morgen een transparante laadpaal onthult tijdens het Smart City Congres is voorlopig slechts fraai als symbolische daad.

De openbare ruimte is van ons allemaal, en dus voorlopig ook nog van ‘fossiele brandstofgebruikers’. En voor de noodzakelijke ‘voeding’ aan de pomp verbruiken zij heel wat minder m2 dan de collega’s van de rijdende accubrigade.

Er zijn nog geen reactie op dit artikel↓

Pieter Hendrikse

Pieter Hendrikse is columnist voor E52. Hij schrijft onder meer over onderwijs en het sociaal-/culturele domein. Klik op de link hieronder voor al zijn columns en een interview met deze columnist.

> Bekijk alle artikelen van Pieter