Samenwerking TU/e met industrie: 278 onderzoeksplaatsen


Door Gastauteur
  • 19 oktober 2015

De TU Eindhoven tekent momenteel de laatste contracten met industriële partners voor de tweede ronde van het ‘Impulsprogramma’. In dit TU/e-initiatief, dat begon in 2013, doet de universiteit nieuw onderzoek met bedrijven, waarbij ze samen promotieplaatsen financieren. Opgeteld leveren de twee Impulsprogramma’s 278 onderzoeksplaatsen op, waarvan er circa tweehonderd niet ontstaan zouden zijn zonder dit initiatief. Minister Kamp van Economische Zaken: “Een uitstekend initiatief van de TU Eindhoven. Goed dat dit leidt tot zoveel extra promotieplaatsen.”

(door Ivo Jongsma, TU/e)

De universiteit startte onder de noemer Impuls nieuw wetenschappelijk onderzoek met ruim dertig bedrijven, waarbij in elk project de bedrijven de onderzoeksplaatsen samen financieren met de TU/e. Dat levert in totaal 278 nieuwe promotieplaatsen op; 125 in Impuls 1 en nu 153 in Impuls 2. De partners, voornamelijk bedrijven, investeren hier samen circa 50 miljoen euro in, waarvan 39 miljoen euro in cash en de rest in natura. De TU/e investeert ook circa 50 miljoen, waarvan 26.5 miljoen in cash.

De samenwerking is gericht op lange-termijnonderzoeksprogramma’s, vooral in de focusgebieden van de TU/e, zoals gezondheidstechnologie, duurzame energie, mobiliteit, hightech systemen, materialen en data science. Binnen deze gebieden werken TU/e-onderzoekers multidisciplinair, wat van groot belang is voor het oplossen van industriële vraagstukken. Een van de bedrijven is Philips, waarmee de universiteit zeventig promotieplaatsen creëerde binnen Impuls. Andere grote partners zijn onder meer ASML en Océ.

“Het is echt een schot in de roos gebleken”, zegt TU/e-voorzitter Jan Mengelers. “Zonder de Impulsprogramma’s waren zo’n 200 van deze onderzoeksplaatsen er niet geweest, dus dat is winst voor Nederland kennisland. Ik ben ervan overtuigd dat hiermee een geweldige impuls hebben gegeven aan de wetenschap, de economie en aan het oplossen van maatschappelijke problemen.”

Minister Kamp van Economische Zaken: “Een uitstekend initiatief van de TU Eindhoven. Het maakt duidelijk dat publiek-private samenwerking veel kan opleveren. Onderzoek zorgt voor innovatie en dat bevordert ons concurrentievermogen. Het Impuls-programma illustreert ook de effectiviteit van de zogeheten TKI-toeslag voor de Topconsortia voor Kennis en Innovatie. Goed dat dit leidt tot zoveel extra promotieplaatsen.”

De TU/e begon in 2013 met het Impulsprogramma in reactie op het feit dat de overheid de aardgasbaten weghaalde uit de onderzoeksfinanciering. Daardoor liepen de inkomsten van de TU/e met 20 à 30 miljoen euro per jaar terug, ofwel circa 250 promotieplaatsen. Het initiële doel van Impuls was de onderzoeksoutput van de TU/e op peil te houden, en sterker uit de economische crisis te komen, samen met de industrie. Voor de financiering van het programma bezuinigde de universiteit onder meer op haar ondersteunende diensten.

Deel 3?

Ondanks het succes weet de bestuursvoorzitter van de TU/e niet zeker of er een deel drie komt van Impuls. “We kunnen niet nog een keer een substantieel bedrag uit onze eigen middelen halen. Ons aantal studenten is sterk gestegen en we moeten daarom meer gaan investeren in ons onderwijs, want we willen de kwaliteit van ons onderwijssysteem niet compromitteren. Dus we zoeken nu met andere partijen naar creatieve oplossingen om Impuls toch voort te kunnen zetten.”