het Taalcafé: relativering lingua franca


Door Pieter Hendrikse
Leestijd ± 3 minuten
  • 20 september 2017

Pieter Hendrikse beziet “Vanaf De Hovenring” de gebeurtenissen in en soms ook buiten Eindhoven. Hij doet dat zowel vanuit zijn eigen expertise (onderwijs, sociaal/cultureel domein) als in een vrije rol.

"Het geeft me telkens weer energie, babbelen over de meest verrassende onderwerpen met de meest verschillende mensen"

Intussen hebben bijna 150 gasten het Eindhovense Taalcafé weten te vinden. Ruim ’n half jaar van start en kennelijk spreekt het zich nu al rond.

Elke week zijn het er tientallen: medelanders die naar het Taalcafé in de Bieb komen. Overal vandaan: uit Zwitserland en Syrië, uit Nieuw-Zeeland en Chili: all over the world. Zo’n 42 nationaliteiten tot nu toe.
Als vluchteling, student, partner of andersoortige expat in Eindhoven terecht gekomen. De taal niet spreken, leergierig en nieuwsgierig zijn.
En daar sta je dan als Nederlander met je spreekwoordelijke flu de bouche, die denkt gemakkelijk te buurten met iedereen die toevallig op z’n pad komt. Met je eigen jargon, vooroordelen, spraakwatervallen en stereotype beelden over buitenlanders.

Door als gesprekspartner van deze ‘taalhongerige’ nieuwe, soms tijdelijke, Nederlanders op te treden realiseer ik me voor het eerst hoe diep de mondialisering in ons leven is doorgedrongen.
Een Roemeense die éven het vliegtuig pakt vanaf Eindhoven Airport naar Clutz, alsof het om een busverbinding gaat. De Syriër die vrolijk over de Ramadan kletst, zoals ik successen van PSV beschrijf. De Zwitserse die bijna vloeiend Nederlands spreekt als was het haar moedertaal.
Wat komen mensen dichtbij als je met ze praat. Wat helpt ’t goed in de beeldvorming over buitenlanders om belangeloos hun integratieplan te helpen uitvoeren. Kennis van de taal is daartoe een allereerste vereiste.

De Bieb fungeert werkelijk als huiskamer van de stad door de deur wagenwijd open te zetten. Gastvrijheid alom, waardering wordt je deel.

Gemengde groepen van beginners met gevorderden laten precies zien wat we leren over de complexiteit van heterogene groepen. En ook de mooie, verrijkende kanten daarvan.
Het geeft me telkens weer energie, babbelen over de meest uiteenlopende onderwerpen met de meest verschillende mensen. Over de herfst, de school, de wijk, moederdag, vakantie, de stad: allerhande thema’s waaraan ik ‘normaal’ niet eens zoveel woorden placht te besteden.
Twee onderwerpen zijn redelijk taboe: politiek en godsdienst. Sommige gesprekspartners dragen traumatische ervaringen met zich mee als gevolg van de politiek-militaire conflicten in hun land.

Toch blijkt ’t niet eenvoudig om in korte tijd anderen iets bij te brengen van onze ingewikkelde taal. Leg maar ’ns uit wat ’t woord hobby of schrijfgerei betekent zonder nodeloos ingewikkeld te worden. Of bijvoorbeeld de vraag naar kennis over populaire muziek. Luister je naar RADIO 538 of hou je van house. Is Guus Meeuwis favoriet of toch maar de voorkeur voor Marco Borsato. Het is meestal aan dovemansoren gevraagd.

Ik ben een verklaard voorstander en gebruiker van Engels als lingua franca *) van de Lage èn Ommelanden.Het is dan ook soms moeilijk te begrijpen dat zij die hun heil in ons land zoeken, noch m’n moerstaal noch Engels dan wel Frans beheersen. Tegelijkerijd spreken zij elkaar vaak rap toe in het Arabisch. En dat dan ook grensoverstijgend: de Syriër met de Eritrëeer en de Afghaan.
Zoals andere bezoekers van het taalcafé dat doen in ‘het’ Chinees!
Hoezo Engels als lingua franca? Het is maar waar je toevallig vandaan komt!

*De term lingua franca verwijst naar een taal die op grote schaal als gemeenschappelijk communicatiemiddel wordt gebruikt tussen mensen met een verschillende moedertaal.

Er zijn nog geen reactie op dit artikel↓

Pieter Hendrikse

Pieter Hendrikse is columnist voor E52. Hij schrijft onder meer over onderwijs en het sociaal-/culturele domein. Klik op de link hieronder voor al zijn columns en een interview met deze columnist.

> Bekijk alle artikelen van Pieter